by Lieke, politievrouw in Amsterdam on October 16th, 2017

​Lieke, 29 jaar, bijna 11 jaar werkzaam bij de Amsterdamse politie, liefde voor van alles, maar ook voor schrijven, voornamelijk op mijn eigen blog www.liekeschrijft.amsterdam.
StichtingR heeft mij gevraagd om een stukje te schrijven over mijn werk, speciaal voor de Week van Respect. 



​Eén van de eerste dingen die ik leerde in het uniform -nog nat achter m’n oren- is dat respect wel vaak meteen geëist wordt, maar niet vaak wordt gegeven… 

Al bibberend schreef ik mijn eerste bekeuring:
 ’Je lijkt net Bambi die in een koplamp kijkt’. Stoer schreef ik verder, want mijn coach stond vlakbij en ik moest toch laten zien dat ik heus een simpele bekeuring kon schrijven.. ‘Moet je geen boeven gaan vangen, eenstreper!’
De oneliner die ik na die ene keer misschien nog wel 100 keer gehoord heb… in 100 varianten.
Een paar strepen en een boel jaren verder moet ik nog steeds boeven gaan vangen. Ik ben gelukkig niet op m’n Amsterdamse bekkie gevallen en ruim 10 jaar later heb ik op die 100 varianten ook wel 100 leuke antwoorden gevonden. Nat achter m’n oren ben ik al lang niet meer.
Al voelt dat soms wel zo, hoor. Soms kom je in situaties terecht waarbij je denkt: ‘Shit, kan ik even een hulplijn bellen? Kan iemand me het goede antwoord in mijn oor fluisteren? Waar is mijn spiekbriefje!?’
Sta je dan in je uniform…
 
Iedereen verwacht van alles van je en afgezien daarvan verwacht je ook nog eens een hoop van jezelf. Nat achter je oren 2.0 gevoel, kan ik je vertellen.
Of dat je zoveel papierwerk hebt dat je niet weet waar te beginnen en je spontaan zou beginnen met roken terwijl je niet rookt. ‘Kom we gaan even een peukie doen!’
Politiewerk is mensenwerk, een uitspraak die in al die jaren niet met zijn tijd mee is gegaan. Misschien moeten we er een # voorzetten. #Politiewerkismensenwerk. Stuk hipper. Hip of niet, het is wel waar. We zijn allemaal mensen, iedereen is goed op zijn eigen manier, in zijn eigen stukje van ons werk. Iedereen werkt vanuit zijn of haar eigen kracht zeg ik altijd. Iedereen maakt zijn eigen fouten en leert zijn eigen lessen. Dat maakt ons werk tot mensenwerk. 


Ik ga even ongeveer twee jaar terug in de tijd. Ergens eind van de zomer van 2015. We werken met drie collega’s van mijn team, in burger, in het Wallengebied en we hebben een dealer op het oog. Hij is toeristen aan het aanspreken, dat doet hij om zijn neppe drugs te verkopen. Neppe drugs? Ja. 
Op de werkvloer genoemd “nepdope”. Het kan van alles zijn, van vitamine C pil als XTC pil tot een mengsel van wit poeder (fijn gestampte paracetamol bijvoorbeeld) in een mooi wit klein envelopje als cocaïne.
Dikke winst maak je daar natuurlijk op, want toeristen komen naar de Amsterdamse wallen omdat ze denken dat het er walhalla is. Seks, drugs, drank en feesten (tot je zo lam bent dat men je zakken leeg rooft...)
Goed verdienen dus met je nepdope. Maar diezelfde dealers verkopen vaak ook echte drugs aan de verslaafden in de wijk en dat wisten we van de dealer die we op het oog hadden ook.
Een dealer aanhouden voor het aanbieden/verkopen van nepdope, en dan bij zijn fouillering echte drugs vinden, dat is natuurlijk een stuk leuker dan een zooitje vitaminepillen. 


Hoer van Justitie
Tijdens de observatie -om genoeg te hebben om hem aan te houden- loop ik langs en spreekt hij me aan. Niet om me drugs te verkopen -jammer want dat is strafrechtelijk genoeg om hem aan te houden- maar een heel kletsverhaal wat eindigde met zijn telefoonnummer en of we wat gingen drinken binnenkort. Nee, dank je. 

De observatie gaat door. Ik baal als een stekker, ik kan niet meer bij die dealer in beeld komen voor mijn gevoel. Want ook al had ik een mooi kletsverhaal opgehangen en weet ik vrij zeker dat ik niet ‘stuk’ ben (herkend als zijnde politie), moet ik toch voorzichtig zijn… Kort daarop zien we van een afstandje een deal plaatsvinden. Yes! En zie ik ook waar hij zijn voorraadje drugs bewaart, met een mooi woord ‘stash’ of ‘stashplaat’s genoemd. Er zijn geen geüniformeerde collega’s in de buurt wegens vele meldingen in de stad, dus besluiten we hem snel zelf aan te houden.
De dealer gaat niet als een mak lammetje meewerken en doet nog aardig z’n best weg te komen.
 Uiteindelijk winnen we het met zijn drieën wel van zijn flinke spierballen. 

Op het moment dat hij mijn gezicht goed bekijkt, spuugt hij op de grond in de, inmiddels ter plaatse gekomen, politiebus voor transport naar het bureau.
Ik heb een bloedhekel aan spugen, ik krijg liever een stomp voor m’n harses, zeg ik altijd. Dat meen ik oprecht. We staan meteen extra op scherp. Als die mafkees op de grond spuugt, dan is de kans dat hij op ons wil spugen vaak ook groot. Helaas uit ervaring gebleken. 

Maar nee, het wordt vervolgd met de woorden: 
’Gadver, ik hoef dus mooi niks met jou te drinken, hé! Je bent gewoon een lelijke hoer van justitie. Nog veel erger dan die hoeren op de wallen!’ 
Ik kan het niet laten en geef een kleine snauw terug: ‘Zij en ik verdienen op een eerlijke manier hun geld, kan jij niet van jezelf zeggen.’ 

Hij mompelt binnensmonds, iets over geen respect en of m’n vader trots op me is. Ik kan het maar half verstaan en doe voor de verandering geen moeite te antwoorden. 


 
Op het bureau bij zijn fouillering treffen we van alles aan. Ook zijn stashplaats hebben we uiteraard leeggehaald. Mijn collega is heel handig met de drugs testers. En niet veel later hoor ik een verbaasde: ‘Die mafkees gaat vechten voor niks… allemaal neppe troep.’

Verdomme. Al het papierwerk (en dat is gewoon echt teveel voor een zaak als deze) moet wel gebeuren en we hadden zo de hoop dat hij echte drugs bij zich had. We zitten er een beetje mokkend bij. Gelukkig is er altijd een boel te snaaien op bureau Burgwallen (toen nog op de oude locatie, bureau Burgstraat) en ik haal voor ons drieën een zakje chips en een speculaaspop. Met vette vingers en is alles leuker. 

Ik ga de verdachte horen en zijn gebiedsverbod mededelen. Het wordt een redelijk goed gesprek waarin hij onverwachts zijn excuses aanbiedt: 
’Ik vind jou geen hoer hoor, ik was gewoon een beetje boos.’
Ik ben meer onder de indruk van z’n excuses dan van zijn woorden eerder op die dag…
‘Boos is prima, maar als je gepakt wordt, werk dan gewoon mee. Dit ging toch nergens over?’
Ik laat hem mijn keurig gelakte, gebroken pinknagel zien. Hij ziet de humor ervan in en lacht met me mee. Hij vraagt terloops of we hem ook het verzet ten laste gaan leggen. We hadden onderling al besproken dat niet te doen en ik antwoord wederom sarcastisch: ‘Nee, je bent zo’n slappe. Dat kon je toch geen verzet noemen?’

Samen lachen we erom en ik vraag of hij de volgende keer gewoon lekker normaal wil doen…
 
Als ik zijn cel weer dicht doe, vraagt hij nog om een bekertje water.
’Ik heb liever koffie maar die koffie van jullie is echt smerig.’
Ik lach, maar breng hem met een stalen gezicht een beker koffie. ‘Dat is je straf omdat je niet gewoon meewerkt.’
Hij kijkt vol ongeloof het bekertje koffie in. Om zijn blik moet ik keihard lachen en de collega die iets verderop staat ziet er ook de humor van in. Als een boer met kiespijn kan hij nog net ‘dankjewel’ zeggen.
Twee minuten later breng ik hem alsnog zijn bekertje water.



Blauw/geel vloerkleed 
Fast forward naar een ongeveer een week later. Ik was in mijn eentje een rondje aan het fietsen aan het einde van een stille ochtenddienst. Mijn maatje was de administratie aan het doen en ik had geen zin om binnen te zitten. Het miezerde een beetje, maar ik ben niet van suiker en fietste rustig door. 

’Er wordt gevochten met een agressieve winkeldief op het Damrak’ gaat het over de portofoon.
Ik trek een sprint die kant op, hemelsbreed dichtbij. Mijn achterwiel glijdt weg over de gladde steentjes op één van de vele bruggetjes op de wallen. In een nanoseconde lig ik als een blauw en geel vloerkleed languit op de brug. Eventjes gedesoriënteerd, maar niet voor lang.
Ik hoor in m’n oor mijn portofoon tetteren. Dat er collega’s ter plaatse bij de winkeldief zijn, maar graag nog meer collega’s erbij willen, want de dief is behoorlijk agressief. Op de achtergrond hoor ik geschreeuw en een hoop andere herrie. Ik wil overeind krabbelen. Ik lig voor schut als blauw/geel vloerkleed, heb geen idee of ik in kots of pis van de avond ervoor lig en ik wil de collega’s helpen op het Damrak.
Ineens hangt er een bekend gezicht boven me, met een uitgestrekte arm.
‘Ik ben wel een slappe, maar zal ik je overeind helpen? Gaat het of moet ik een ambulance voor je bellen?’ 

‘Mijn collega’s vechten met een winkelboef. Ik wil erheen.’ 

Ik weet niet waarom ik het aan hem vertel maar het is mijn mond uit voor ik er erg in heb. Van dat laatste heb ik vaker last en het werkt niet altijd in mijn voordeel.
Het bekende gezicht trekt een grote grijns. Ik pak zijn hand vast en de spierballen die een week geleden tegen me werkten, trekken me nu zonder moeite van de grond.
‘Je fiets staat daar, hij is nog heel. Hier is de sleutel.’

Ik stap verfomfaaid en een beetje verbouwereerd op de fiets, ook ik ben nog helemaal heel. Nu maar hopen dat niemand deze verschutting heeft gezien. Als ik opstap hoor ik achter me nog: ‘Ik ga zijwieltjes voor je kopen.’
Ik roep terug: ‘Ga eerst maar een fatsoenlijke baan zoeken dan...’
En dan roept hij: ‘Respect voor jullie hoor… echt!’
Met een glimlach en wat aanstaande blauwe plekken ga ik onderweg naar het Damrak. Uiteraard kom ik veel te laat aan.. ‘Puntje voor de inzet’, denk ik bij mezelf…

by Marlise van Aerde on October 15th, 2017

​14 oktober 2007 – 14 oktober 2017….
 
Een uitnodiging voor: 'Een tien jaar later reünie', op het August Allebéplein in Amsterdam. Het was een weerzien met veel (oud) collega’s en andere mensen die een hele belangrijke rol hebben gespeeld tijdens het incident op 14 oktober 2007 en ver daarna.
Mooie herinneringen opgehaald en met hen warme gesprekken gevoerd. Een aantal dingen vielen mij tijdens onze gesprekken op. Veel oud collega’s zijn nog steeds werkzaam op het AA-plein (inmiddels omgedoopt tot het niet uit te spreken Basiseenheid Nieuw West Noord). De mensen op de werkvloer ervaren nog steeds dat het werken in ‘West’ moeizaam kan zijn. Het is en blijft een uitdagend stukje Amsterdam om als politie je werk te doen.
Iedereen had zijn eigen verhaal en herinneringen aan 14 oktober 2007. Velen waren heel benieuwd hoe het met mij ging. Of ik het moeilijk vond om weer op het AA-plein te zijn en wat het met me deed.

Ik vond het om te beginnen helemaal niet moeilijk om op het AA-plein te zijn. Ik vond het een bijzonder mooi gebaar om elkaar na 10 jaar weer te ontmoeten. Daarbij moet ik wel zeggen dat ik eigenlijk wel vind dat ik het in de afgelopen 10 jaar best goed heb gedaan. Ik ben niet zo van het mezelf op de schouder slaan, maar ik ben zeker na 2010 goed bezig geweest om mijn leven weer op de rit te krijgen. De restschade zoals ik dat noem, neem ik voor lief of ik probeer er creatief mee om te gaan. Grappig was dat tijdens één van mijn gesprekken waarin ik mijn frustratie toonde van het niet meer naar theater kunnen omdat ik niet weet of ik aan de buitenkant van een rij kan zitten, mijn gesprekspartner met een hele creatieve oplossing kwam, die ikzelf nog niet had bedacht,  waardoor het wel weer zou kunnen. Dus in dat opzicht was de bijeenkomst al heel nuttig.

Wat me ook opviel is dat ik misschien wel verder ben ik mijn verwerking dan sommige andere collega’s die betrokken zijn geweest bij ditzelfde incident. Los van het feit dat ik met alle tegenslagen die ik in mijn leven heb gehad altijd probeer om er iets positiefs uit te halen. Ik denk ik dat de opvang en begeleiding die ik heb gehad van prof. dr. Gersons bijzonder waardevol en mijn redding is geweest. Hij heeft mij toentertijd precies datgene aangereikt wat ik nodig had om door te kunnen. Ik ben het levende bewijs van dat de juiste hulp en opvang werkt als het maar tijdig wordt aangeboden. Dat vraagt natuurlijk van een organisatie dat die op zo’n manier inricht dat de signalen worden herkend en dat degene die het herkent ook weet wat te doen.
In een aantal van mijn gesprekken kwam PTSS ook te sprake. Mensen die ervan genezen, mensen die ermee leren omgaan en mensen die het proberen te overleven. In de beroepsgroepen waar mensen worden blootgesteld aan ernstige zaken is het helemaal geen schande als je op enig moment denkt: ‘Jeetje dit red ik niet meer in mijn eentje.’ Ik heb gemerkt dat het dan fijn is om met iemand te kunnen praten die met één woord begrijpt wat je bedoelt. Want hoe moeilijk is niet om in woorden uit te leggen wat je voelt? Ik sprak iemand die mij toentertijd heeft bijgestaan en zij vertelde mij dat zij nu bezig is met een buddyproject. Mensen zoals ik, die andere mensen gaan helpen door het proces. Ik vind dit een prachtig initiatief en ik heb dat 10 jaar geleden ook benoemd. Ik was toen heel erg op zoek naar iemand die ook iets had meegemaakt en die mij kon helpen in het proces. Ik ben heel blij dat die nu van de grond gaat komen. Ik weet zeker dat dit een verschil gaat maken, want ook hier gelden de legendarisch woorden van Eberhard van der Laan 'Zorg goed voor elkaar'. 

by StichtingR on October 15th, 2013

Het blijft een bijzondere dag. Er zijn soms dagen in je leven die je altijd bij zullen blijven. Vandaag is het 14 oktober 2013, 6 jaar later. Mijn gedachten gaan ook aan naar de ouders van... Voor hun is het ook 6 jaar.
Mijn leven gaat door. Ik probeer de draad op te pakken en door te gaan. Sommige dingen slijten, sommige dingen niet. Afgelopen zaterdag verscheen er een interview in onder andere de Gooi en Eemlander en daar werd het goed beschreven. Je leert te leven met je angst. De ene keer beter dan de ander keer.
Ik blijf me verantwoordelijk voelen voor degene die achter zijn gebleven. Wil hun behoeden voor hetgeen wat mij is overkomen. Ziek worden door je werk.
Aan de ene kant proberen om werkgevers te overtuigen van het feit dat dingen anders moeten en aan de andere kant door jongeren te confronteren met hun gedrag. Vandaag was onze Stichting samen met Arthur van de Vlies van Reflectie in Blauw bij een VMBO school. Petra vertegenwoordigde StichtingR en zij vertelde mij dat het soms best heftig was. De 2e klassers van deze school vonden het heel normaal dat je een politieagent uitscheldt. Maar toen Arthur een jongen uit de groep uitschold vond deze dat toch niet echt normaal dat je dat deed.
Ik blijf het vreemd vinden dat tieners dit toch schijnbaar normaal vinden. Kunnen wij het ombuigen? Ik weet het niet maar ik zal zeker mijn best gaan doen.
Het begint thuis, maar dat is altijd zo. Er is een verschuiving ontstaan. En als oud premier Balkende toch ook het gevoel heeft dat hij hier iets aan moet doen, dan krijg ik een warm gevoel. Schijnbaar blijft het niet onopgemerkt.
Vandaag hebben vele gehoor gegeven aan de oproep om je vlag uit te hangen om zo te tonen dat ze waardering hebben voor het werk van hulpverleners en handhavers. Ik zag dat een aantal van mijn buren hun vlag uit hadden hangen en ook het artikel hadden gelezen. Ik krijg daar een goed gevoel van. We doen dit schijnbaar toch niet voor niks. Het begint klein maar ik hoop dat over een paar jaar 14 oktober een landelijke vlaggendag is, waarbij we respect aan elkaar tonen.
Bedankt voor deze 14 oktober 2013, voor vele toch een dag die niet vergeten wordt en dat doet me goed!!

by StichtingR on May 22nd, 2013

Dit is een citaat uit een artikel van dagblad Trouw in april over een reconstructie van een vechtpartij waarbij de spoorwegpolitie in Ede betrokken was.
 
In deze reconstructie wordt het verhaal verteld van een groep vrienden uit het dorp Austerlitz. Zij zijn die avond met de trein naar het Piraten Festival in Arnhem geweest. Zij hebben een leuke avond gehad waarbij het bier rijkelijk vloeide. Later in het verhaal wordt aan een van de jongens nog gevraagd of er ook drugs in het spel was. De jongen ontkent. Geen drugs, alleen drank.
Hoe kan het toch zijn dat je zo dronken bent, dat je het in je hoofd haalt om een politiehond te willen intimideren? Ik heb in mijn politiejaren een training gekregen met een politiehond en ondanks dat ik een hondenliefhebber ben, was ik toch aardig onder de indruk van kracht van de hond, zelfs in een trainingssituatie.
 
Terug naar de trein. De jongens stappen in Arnhem op de trein en nemen plaats in een eerste klas coupe. Ze gaan ervan uit dat er toch niet wordt gecontroleerd. Eerste normvervaging. Dus, als er toch niet wordt gecontroleerd ga je in een andere klasse zitten. Maar goed dat is dan nog daar aan toe.
De volgende stap is dat de jongens de stoelen los trekken en door de coupe slingeren. Tweede normvervaging. Schijnbaar mag je gewoon een treincoupe slopen omdat je er zin in hebt. Ik vraag me altijd af wat er gebeurt als je bij zo iemand thuis komt en vervolgens de flatscreen op pakt en die door het raam slingert. Kijkt men toch raar van op denk ik. Maar in een trein “mag” het wel.
Het treinpersoneel merkt de vernieling op, durft niet in te grijpen en schakelt de politie in. Deze heeft haar handen vol om de orde op het station te handhaven en stuurt de trein door naar Ede. Je leest in het verhaal dat het treinpersoneel zich niet veilig voelt. De conducteur sluit zichzelf op in de conducteursruimte. Wat kan hij in z’n eentje uithalen tegen een groep. Veiligheid voorop.
Maar hoe zit het dan met de passagiers. Schijnbaar voelt een passagier zich onveilig en belt met 112. Als de trein in Ede aankomt, staan er al een aantal agenten van de spoorwegpolitie. Men grijpt in en de boel escaleert. Eén jongen uit de vriendengroep die de-escalerend probeert te werken wordt door een politiehond gebeten. Dit frustreert uiteraard de goedbedoelende jongen. Maar door de chaos kan de politie geen onderscheidt meer maken tussen jongens die kwaad willen en een jongen die het goed bedoelt. Analyserend komt men tot de conclusie dat het gevecht is ontstaan door een grote groep jongeren, drank en de starre houding van de politie. Kan er uit deze conclusie lering getrokken worden? Ik denk het wel.
 
Ik ben een voorstander van zelf laten ervaren. Stap letterlijk eens in de schoenen van een agent. Een ME’er bij een risicovolle wedstrijd, een agent die op het station de boel veilig moet houden nadat er een grote groep mensen bij een evenement, al dan niet onder invloed vandaan komt.
 
Spijt komt na de zonde. Zouden mensen ook zo reageren als ze niet onder invloed zijn. Hoogstwaarschijnlijk niet. Maar schijnbaar is het drinken van alcohol en vervolgens op slooptocht gaan en het provoceren van politie een vrijbrief.
 
De toespraak van Uhm op 4 mei schiet door mijn hoofd. Hij wilde dienen voor ons land en de vrijheid van anderen en was trots toen zijn zoon ook diezelfde keuze maakte. Zijn zoon overleed in een ander land voor een ander volk. Een prachtige toespraak die je diep in je ziel raakt. Maar dan realiseer ik me dat politiemensen ook de keuze maken om te dienen en dat er politieagenten zwaar gewond raken of overlijden doordat zij in eigen land het eigen volk dienen.
 
Het citaat van de agent in het artikel vind ik dan ook schokkend. Zijn onze normen en waarden zo veranderd dat wij het “normaal” vinden dat je je helemaal vol laat lopen met alcohol en jezelf verliest? In landen als Italië is het een schande als je in het bijzijn van je vrienden en familie dronken wordt. En hier in ons land is het stoer en “hoort” het erbij.
 
Wat zou jij ervan vinden als een van jouw naaste betrokken zou zijn bij een gewelddadig incident? Ik ben daar heel erg benieuwd naar. Laat het me weten via marlise@stichtingr.nl

by StichtingR on January 30th, 2013

Meer Geweld nu dan vroeger????
Lijkt het zo of plegen wij meer geweld, tegen elkaar???
 
Het is dinsdagavond. Tijd voor 'Opsporing Verzocht'. Ik ben een trouwe kijker, zal wel beroepsdeformatie zijn. In Nijmegen zie ik een man over straat lopen. Uit het niets komt er een jongen met een witte jas met capuchon aanrennen. Hij schopt de man, een 51 jarige man uit Nijmegen, uit het niets keihard in zijn rug. De man valt op de straat en de jongen begint nog eens keihard op hem in te trappen.  Een tweede persoon verschijnt in beeld en schopt de man ook nog eens keihard terwijl hij op de grond ligt. Daarna krabbelt de man op en hij probeert weg te lopen om nog een keer keihard onderuit te worden getrapt door de jongens. Tot drie keer toe wordt de man aangevallen en geschopt terwijl hij weerloos op de grond ligt.
 
De stille tocht voor de doodgetrapte grensrechter Richard Nieuwenhuis. Ik hoopte toen dat mensen nu eindelijk het besef zouden krijgen. De kans dat deze 51 jarige man het zelfde lot had getroffen was gezien de mate van geweld die tegen hem werd gebruikt niet onrealistisch.
Doel van deze actie? Het moedwillige zwaar mishandelen van iemand. En waarom, ik heb geen idee. Ik verafschuw dit omdat ik respect heb voor mijn medemens en omdat ik wel in tegenstelling tot deze daders en de acht daders uit Turnhout wel een geweten heb ontwikkeld. Het zal je kind maar zijn……..
 
Dit en het zien van gezinnen met jonge kinderen die in hun huis worden overvallen, bedreigd met messen en pistolen maakt mij zo kwaad. De daders weten niet wat zij hun slachtoffers aandoen. De slachtoffers zijn voor hun leven getekend. Jonge kinderen die met zulk extreem geweld te maken krijgen en waarvoor…….Omdat die gewetenloze daders te beroerd zijn om te gaan werken voor hun geld. Nee, liever zijn ze zo laf dat zij mensen in hun eigen huis overvallen voor een paar rotcenten.
 
Mijn gedachten gaat ook weer uit naar twee motoragenten uit Amsterdam, die beschoten worden door criminelen met automatische geweren. Vrezen voor zichzelf en het leven van hun collega. Er wordt misschien niet meer geweld toegepast dan vroeger maar vroeger vocht men met de vuisten en tegenwoordig wordt er met messen en vuurwapens gevochten. De impact hiervan is groter en dit maakt onze wereld zeker niet mooier!!
 
Wat kunnen wij samen met elkaar doen? Want realiseer je goed, jij of een van jouw dierbare kunnen net zo goed slachtoffer worden. Spreek elkaar aan op gedrag.
Ga niet meedoen omdat het stoer is. Het is juist stoerder als je niet meedoet.
 
De discussie over dat ouders hun kinderen moeten opvoeden laait weer op. Laten we nou eindelijk weer eens oog voor elkaar krijgen en niet alleen voor het individu. 

by StichtingR on December 31st, 2012

Iedere burgemeester zet zich schrap….Oud en Nieuw komt er weer aan! Hoeveel schade gaat het dit jaar opleveren? Welke rotzooi wordt er getrapt? Hoeveel branden moeten er geblust? Een aantal burgemeesters stuurt preventief brieven de deur uit.
 
‘Beste inwoners van mijn gemeente,
Jarenlang is het vreugdevuur op …. locatie gedoogd, maar omdat de openbare orde en de veiligheid van onder andere het personeel van mijn hulpdiensten in gevaar komt, ben ik genoodzaakt deze te verbieden.’

 
Politie en brandweer worden gebrieft. Alle illegalen vuren moeten worden gedoofd. Waarom? Omdat wij als samenleving niet meer weten hoe het hoort. Alle remmen gaan los tijdens Oud en Nieuw. Als de situatie zo gevaarlijk wordt voor de omgeving en de brandweer zich genoodzaakt ziet het vuur uit te maken, gaat dit in een groot aantal gevallen niet zonder slag of stoot.
De ME moet de brandweer begeleiden zodat ze veilig hun werk kunnen doen, zonder dat zij door omstanders worden aangevallen, bekogeld worden met voorwerpen of vuurwerk. Vieren we nog wel feest met Oud en Nieuw of hebben we Nederland tot oorlogsgebied gemaakt???
 
De waanzin ten top!
 
Zijn wij als Nederland hier uniek in of gebeurt dit in andere landen ook? Volgens deskundigen gebeurt dit alleen in Nederland. In andere landen steekt men gezamenlijk op één locatie vuurwerk af. Onder het genot van een drankje kijken mensen massaal naar het vuurwerk, wat door de overheid wordt afgestoken.
Nu kun je natuurlijk hier een hele discussie over voeren of wij dit als Nederland ook moeten willen, maar dat is niet de bedoeling van mijn blog. Wat mijn bedoeling is, is dat iedereen zich ook met Oud en Nieuw beseft wat zijn/haar gedrag veroorzaakt.
Hulpdiensten belemmeren, aanvallen of bekogelen omdat ze in moeten grijpen om te zorgen dat onze veiligheid gegarandeerd blijft, is te gek voor woorden, maar zeker tijdens Oud en Nieuw ronduit gevaarlijk!  
 
Laat de mensen die tijdens Oud en Nieuw ervoor zorgen dat wij veilig zijn gewoon hun werk doen!
 
 Namens StichtingR een veilig, gezellige jaarwisseling en een heel gelukkig 2013 met veel respect voor elkaar!

by StichtingR on December 18th, 2012

Het werk van een hulpverlener en handhaver is prachtig. Vraag een willekeurige brandweerman, ambulancebroeder of politieagent wat hij of zij van het werk vindt en je zult in de meeste gevallen een gepassioneerd antwoord krijgen. Dat werk, daar kies je bewust voor. Het is een zwaar vak, maar geeft ook heel veel voldoening.
 
Dat het een zwaar vak is zien wij regelmatig zien en horen we veel in de media. De afgelopen paar weken kun je geen krant open slaan of er staat een verhaal van ieen hulpverlener of handhaver die traumatische ervaring heeft opgedaan. De berichtgeving rondom agressie tegen hulpverleners en handhavers en de problematiek waarin zij daarna in terecht komen wordt in de media op verschillende manieren naar buiten gebracht.
 
Wat mij opvalt, maar vooral tegen de borst stuit, is dat de hulpverlener of handhaver in een slachtofferrol wordt geduwd. Ik vind dit een kwalijke ontwikkeling. Ik bagatelliseer de problematiek absoluut niet. Sterker nog ik weet uit eigen ervaring wat dit met je doet. Ik ben van mening dat de opvang na een dergelijk incident beter moet, maar hulpverleners en handhavers zijn absoluut niet zielig!
 
Wij doen onze mannen en vrouwen die dit mooie werkveld hebben gekozen hiermee te kort. Als deze mensen in hun dagelijks werk trauma oplopen, zal dat zeker een kras op hun ziel veroorzaken. De meeste zullen zelf proberen om de kras weer weg te poetsen. Als de kras dieper is zullen zij toch weer een weg proberen te vinden om door te gaan.
 
Vooral dat laatste zouden we moeten laten zien in de media: handhavers en hulpverleners  die een heftige ervaring opdoen, hun wonden likken en weer doorgaan. Stoere mannen en vrouwen die hebben gekozen voor hun vak, voor hulp aan de samenleving en weer met hart en ziel, ondanks alle gebeurtenissen, de maatschappij weer in gaan. Juist omdat zij houden van hun werk!
 
Ik ken veel mensen die het verdienen om met hun verhaal in de media te komen en de positieve draai weten te geven. Laten zien dat ze niet zielig zijn, maar juist de kracht weer hebben gevonden om door te gaan en een rolmodel kunnen zijn voor anderen. Welk medium laat dit zien? Ik daag de journalisten uit!
 

by StichtingR on December 3rd, 2012

Mijn schoenen...

Wie wil er in de schoenen staan van de agent die de 17 jarige jongen doodschoot bij Hollands Spoor?  Ik niet, dat kan ik u verzekeren. De media tuimelt over elkaar heen en iedereen heeft zijn mening over het handelen van de agent al klaar.

Feit is dat wat daar is gebeurd ronduit schokkend en verdrietig is, schokkend voor de ouders, vrienden en familie van het slachtoffer, maar zeker ook voor de agent. Een jong leven is te vroeg geëindigd. Geloof me, de agent heeft zich nu al meerdere malen afgevraagd of hij anders had gekund of had gemoeten.

Wat zou je ervaren als je in de schoenen van deze agent stond. Ik kan me daar wel een voorstelling van maken. Je bent s’avonds naar je werk gegaan voor je nachtdienst. Op het bureau kleed je je om en ga je naar de briefing. Je stapt met je collega in de surveillanceauto en je rijdt in sommige gevallen van melding naar melding.

Dan krijg je de melding dat er iemand is bedreigd door een persoon met een vuurwapen. Hoogstwaarschijnlijk volgt er een korte omschrijving van de persoon en locatie waar het zich heeft afgespeeld. Je rijdt met je collega richting de melding. Het adrenalinepeil in je lichaam begint te stijgen.

Ter plaatse aangekomen word je hoogwaarschijnlijk richting het station gestuurd omdat men daar “de verdachte” naartoe heeft zien lopen. Je gaat naar het station en ziet een persoon die aan het signalement voldoet op het station zitten. Er wordt gesommeerd dat hij zijn handen moet laten zien. Je hartslag versnelt als je ziet dat de persoon niet zijn handen laat zien, maar richting zijn broekband reikt. Je hebt je pistool inmiddels getrokken en je schiet. Heb je op dat moment een gericht schoot gelost? Dat valt nog te bezien. Hoe je op een stressvolle situatie reageert weet je pas op het moment dat je die ervaart. Kan het trainen op de schietbaan je op zoiets voorbereiden? Ik denk het niet, die zorgt er hooguit voor dat je reageert en niet bij de handeling hoeft na te denken.

 

Reageren in een split second dat is wat die agent heeft moeten doen.

 

De balans opmakend, ook uit dit incident komt alleen maar menselijk leed voort. Er is niemand, maar dan ook niemand die dit ooit heeft gewild. Daar ben ik van overtuigd. Ik wil iedereen die bij dit vreselijke incident betrokken is geweest heel veel sterkte wensen met het verwerken hiervan……..



by StichtingR on November 15th, 2012

De afgelopen vijf jaar heb ik me regelmatig afgevraagd. Waar put ik mijn kracht uit? Vijf jaar geleden dacht ik nog: “Het incident is heftig, maar zal geen groot onderdeel van mijn leven gaan uit maken." Nu weet ik beter. Mijn leven lag in korte tijd compleet overhoop. Ik heb in 2009 mijn werk als politieagente moeten opgeven, dat was voor mij een enorm zware mentale tegenslag. Toch heb ik de kracht gevonden om deze negatieve ervaring om te buigen in iets positief.

Mijn werk als politieagente gaf me voldoening. Ik betekende iets voor de samenleving, ik haalde daar voldoening uit. Als dat weg valt moet jezelf weer zien te herpakken. Hoe moeilijk en uitzichtloos de situatie toen leek, ik had de kracht om terug te veren. De vraag of ik natuurlijke mentale veerkracht heb, die heb ik voor mezelf al beantwoord. Natuurlijk heb ik die!
 
Ieder mens heeft van nature veerkracht. Tegenslagen zijn helaas noodzakelijk om jezelf te ontwikkelen als persoon. Mensen hebben overwinningen, maar ook tegenslagen nodig.
Ik probeer mijn kinderen te beschermen tegen “kwade” invloeden van buiten. Op advies van prof. dr. Gersons (PTSS specialist) laat ik dat los en leer ik mijn kinderen met tegenslagen om te laten in plaats hen er tegen te bescherm. Tegenslagen horen bij het leven. Dat klinkt vreemd, maar als je erover na denkt, klopt het wel. Een tegenslag dwingt je om het gevecht met jezelf aan te gaan, met als doel dat je er uiteindelijk sterker uitkomt. Soms duurt het wat langer voordat je na een tegenslag de kracht weer hebt gevonden om door te gaan. Soms heb je een steuntje in de rug van iemand anders daarbij nodig, maar uiteindelijk ben jij degene die de tegenslag moet en kan overwinnen.
 
Waardeer jezelf. Geef jezelf de mogelijkheid en de tijd om de tegenslag te boven te komen en wees niet te hard voor jezelf. Je bent ook maar een mens.........




Zoeken

Abonneer

follow on
follow on
follow on
Categoriën